Perspectivistische lenigheid is zo’n kwaliteit die iedereen van een leider wil. Kunnen schakelen tussen standpunten, je verplaatsen in de ander, een situatie door verschillende ogen zien. We bewonderen het, we trainen erop, en de meeste leiders zijn er heilig van overtuigd dat ze er goed in zijn.
Afgelopen week zat ik in een sessie weer zo iemand te observeren. Een leider die er prat op ging dat hij precies aanvoelde wat zijn team nodig had. Hij verplaatste zich, hij leefde zich in, hij wist het zeker. Toen ik later met dat team sprak, klopte er bijna niets van. Hij had het allemaal in zijn eigen hoofd bedacht.
Dat is precies waar het onderzoek naar perspectiefname op uitkomt.
Psycholoog Nicholas Epley deed er samen met Tal Eyal en Mary Steffel vijfentwintig experimenten naar. De uitkomst was ongemakkelijk. Je inbeelden hoe iemand anders denkt maakte mensen niet accurater. Soms zaten ze er juist verder naast, maar wel met meer zelfvertrouwen. Zelfs stellen die al tien jaar samen waren dachten dertien van de twintig keer goed te zitten over hun partner. In werkelijkheid waren het er vijf. Wat wel werkte was simpel. Niet bedenken wat de ander denkt, maar het vragen. Epley noemt dat het verschil tussen perspectief nemen en perspectief halen.
Daar zit de denkfout bij leiders. Echte lenigheid wordt verward met inleven op de automatische piloot. Je voelt je flexibel omdat je je zo makkelijk een voorstelling maakt van de ander, terwijl die voorstelling vooral een spiegel is van jezelf. Hoe zekerder je bent dat je weet wat er speelt, hoe groter de kans dat je het mist.
Werk er dus niet aan door je beter in te leven, maar door minder te gokken. Vraag wat iemand echt vindt, juist op het moment dat je merkt dat je het al voor hem invult. Stel de vraag waarvan je het antwoord meent te kennen. Verdraag het ongemak dat je er soms naast zit. Dat is geen zwakte in je oordeel. Het is de enige manier om werkelijk lenig te bewegen tussen perspectieven.
Verbeeld je de ander en je hoort vooral jezelf. Vraag het de ander, en je hoort eindelijk hem.