Het is een van mijn favoriete reizen geweest; Japan. Een van de Japanse concepten wat mij destijds en vandaag de nog steeds heel erg aannspreekt, is wabi sabi.
De acceptatie van vergankelijkheid en imperfectie, de schoonheid die “onvolmaakt, vergankelijk en onvolledig” is. Iets wat ik veel leiders ook kan aanraden om tot zich te nemen. Want er is veel wetenschap over de kracht hiervan, vooral ook in lijn met leiderschapscommunicatie.
In 1966 deden drie Amerikaanse psychologen bijvoorbeeld een interessant experiment. Studenten luisterden naar een opname van een quizkandidaat die vrijwel alle vragen goed beantwoordde. Een indrukwekkend, intelligent persoon. Aan het eind van het gesprek morste hij per ongeluk een kop koffie over zijn pak.
Je zou denken dat zo’n vergissing zijn reputatie zou schaden. Maar het tegenovergestelde gebeurde. De studenten vonden hem juist sympathieker. Dezelfde fout bij een minder goed presterende kandidaat had juist het tegengestelde effect. Dit fenomeen kreeg een naam: het Pratfall Effect. Een klein ongeluk maakt iemand die al goed is menselijker en dichter bij anderen. We steken als leiders veel energie in het vermijden van die momenten die ons sympathieker maken. Maar mensen zien iets anders
Psycholoog Anna Bruk ontdekte in 2018 iets vergelijkbaars. In zeven studies onderzocht ze hoe mensen naar kwetsbaarheid kijken. Haar conclusie was mooi: wanneer wij zelf een fout toegeven of om hulp vragen, voelen we schaamte en onzekerheid. Wanneer wij iemand anders hetzelfde zien doen, herkennen we dapperheid en eerlijkheid. Ze noemde dit het Beautiful Mess Effect. Wat voor jou een pijnlijke situatie is, ziet een ander als iets moois.
Nieuw onderzoek uit 2026 gaat nog verder. In zes experimenten met ruim 3.200 deelnemers ontdekten onderzoekers dat mensen die lachen om hun eigen kleine fouten, als warmer, beter en authentieker worden beoordeeld dan mensen die zich schamen. Een verkeerde naam tijdens een presentatie, een vergissing of een grap die niet lacht? Misschien hoef je die niet direct weg te vegen. Probeer er eens om te lachen.
Je team ziet ook nog mee
Onvolkomenheid heeft ook gevolgen die verder lopen dan je eigen uitstraling. Harvard-onderzoeker Amy Edmondson ontdekte in ziekenhuisteams een vreemd fenomeen: beter functionerende teams rapporteerden meer fouten. Niet omdat ze meer fouten maakten, maar omdat ze die openlijk durfden te bespreken. Daar kwam ruimte om te leren. Onderzoek van Cathy van Dyck en collega’s bij 65 Nederlandse organisaties liet zelfs een positieve relatie zien tussen een open foutencultuur en economische prestaties. Dit verband werd bevestigd met gegevens over winstgevendheid bij 47 Duitse organisaties.
Een leider die erkent dat hij iets niet weet, geeft anderen toestemming om hetzelfde te doen. Iemand die zijn eigen fout bespreekt, maakt het makkelijker voor medewerkers om problemen te melden voordat ze groter worden. Natuurlijk gaat het hier niet om het vieren van onzorgvuldigheid. Een dure fout die anderen schaadt, vraagt om verantwoordelijkheid, geen luchtige relativering. Juist dat onderscheid maakt volwassen leiderschap interessant.
Dus laat die perfecte leider maar thuis
Ik zie het vaak wanneer ik leiders begeleid bij hun verhalen. Ze willen de juiste woorden kiezen, iedere stilte vermijden en precies weten wat ze op welk moment gaan zeggen. Soms zijn ze zo bezig met het voorkomen van fouten dat alles spontaan verdwijnt. Maar het publiek wil niet een perfect geprogrammeerde spreker. Het wil een mens ontmoeten. Geef iets makkelijker toe dat je iets niet weet. Vertel over een beslissing die verkeerd is gelopen. Lach over die onschuldige vergissing tijdens je volgende presentatie.
Wees goed in wat je doet, maar houd op met proberen foutloos over te komen. Want misschien is juist dat onverwachte, ongepolijste moment het moment waarop mensen je echt leren kennen.
Een beetje imperfectie mag best
Misschien is dat wel de mooiste manier om beter te leren presenteren: jezelf de ruimte geven om fouten te maken. Een verhaal dat niet landt, een stilte die te lang duurt of een grap waar niemand om lacht. Juist van die momenten leer je het meest.
Daarom houd ik mijn open masterclasses bewust klein. Drie ochtenden, maximaal vijf leiders, met je eigen praktijkcases en directe, eerlijke feedback. Alle ruimte om te experimenteren, fouten te maken en te ontdekken wat écht werkt. Zodat je straks met meer vertrouwen voor een grote zaal staat, zonder perfect te hoeven zijn.
In januari starten nieuwe groepen in Eindhoven (dinsdagochtend) en Utrecht (donderdagochtend). Per stad zijn nog drie van de vijf plekken vrij. Wie zich vóór 1 november inschrijft, betaalt het laagste tarief.